IKO reglement

HOOFDSTUK I

 

Artikel 1

In het IKO (de Stedelijke Academie voor Beeldende Kunsten), wordt onderricht verstrekt in de studierichtingen , graden, opties en vakken die door de gemeenteraad worden ingericht.

 

Artikel 2

Het IKO volgt de minimumleerplannen die door de gemeenschapsminister werden goedgekeurd.

 

Artikel 3

Het onderwijs wordt georganiseerd overeenkomstig de geldende wets- en reglementaire bepalingen.

 

Artikel 4

Het schooljaar duurt veertig weken. De data van de vakantieperioden worden jaarlijks vastgesteld door het college van burgemeester en schepenen op basis van de geldende bepalingen.

 

HOOFDSTUK II :  DE DIRECTIE

 

Artikel 5

De directeur is belast met de uitvoering van de beslissingen van de gemeentelijke overheden en met de toepassing van de wets- en reglementaire bepalingen die de inrichting aanbelangen.

 

Artikel 6

De directeur is belast met de leiding van de academie op pedagogisch, artistiek en administratief vlak.

 

Alle personeelsleden van de inrichting staan onder zijn/haar gezag.

 

Hij/zij waakt erover dat de lessen regelmatig gegeven worden en op de gestelde uren beginnen en eindigen.

 

Hij/zij bezoekt de ateliers zo dikwijls hij/zij dit nodig acht. Hij/zij mag aan personeelsleden geen negatieve opmerkingen maken in aanwezigheid van de leerlingen.

 

Artikel 7

Personen vreemd aan de inrichting hebben geen toegang tot het gebouw zonder toelating van de directeur.

 

Artikel 8

De directeur verdeelt de leerlingen onder de leerkrachten.

Rekening houdend met de door de gemeenteraad vastgestelde prestaties van de leerkrachten, tot stand gekomen na overleg conform de wet van 19 december 1974, stelt hij/zij het lessenrooster op dat door de leerkrachten en de leerlingen moet worden gevolgd.

 

 

Artikel 9

De directeur staat ter beschikking telkens de dienstnoodwendigheden dit vereisen.

 

Artikel 10

Ingeval de directeur tijdelijk moet vervangen worden, stelt het college van burgemeester en schepenen een vervanger aan, in afwachting van een beslissing van de gemeenteraad.

 

Artikel 11

De directeur meldt elke ongewettigde afwezigheid van een personeelslid evenals de door hem vastgestelde overtredingen van dit reglement schriftelijk aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 12

De directeur legt voor elk begrotingsjaar tijdig een ontwerp van begroting voor aan het college van burgemeester en schepenen.

 

 

HOOFDSTUK III : HET ONDERWIJZEND PERSONEEL

 

Artikel 13

Elke leerkracht moet 15 minuten vóór de aanvang van de lessen aanwezig zijn om de leerlingen op te vangen, practische schikkingen te treffen in het atelier en het personeelsregister af te tekenen.

Leerkrachten uit de lagere graad vervullen eveneens een beurtrol permanentie en bewaking op de speelplaats, 15’ voor de aanvang van de lessen en tijdens de pauzes.

 

Artikel 14

De leerkracht kan in navolging van de reglementering ter zake een lesverplaatsing aanvragen (zie reglement lesverplaatsingen). De directeur staat de lesverplaatsing toe binnen deze reglementering.

 

Artikel 15

Het onderwijzend personeel richt zich tot de gemeentelijke overheden en administratie langs de directeur die, zo nodig, zijn/haar advies toevoegt aan de vraag of het voorstel van het betrokken personeelslid.

 

Artikel 16

Elk lid van het onderwijzend personeel houdt een register bij waarin de aan- en afwezigheden van de leerlingen per les worden genoteerd. Deze worden opgetekend binnen 15 minuten na de aanvang van de les.

 

Deze registers moeten steeds in de inrichting aanwezig zijn opdat de directeur, het secretariaatspersoneel, de gemeenschapsinspectie en de verificateur er steeds inzage zouden kunnen van nemen.

 

Artikel 17

Elk lid van het onderwijzend personeel draagt zorg voor de orde en tucht in zijn/haar atelier. Hij/zij mag in zijn/haar atelier enkel de regelmatig ingeschreven leerlingen aanvaarden.

 

Artikel 18

De leden van het onderwijzend personeel evalueren hun leerlingen schriftelijk in februari en op het einde van het academiejaar.

Op vraag van de directeur bezorgen zij hem/haar eveneens een tussentijds verslag.

De leerkracht deelt aan de directeur mee welke leerlingen volgens de richtlijnen terzake in aanmerking komen om deel te nemen aan de examens.

 

Artikel 19

1° De leerkrachten dienen in principe steeds hun medewerking te verlenen aan tentoonstellingen en andere manifestaties die rechtstreeks te maken hebben met de werking en de promotie van het IKO.

 

2° De directeur ijvert ervoor dat gevraagde medewerking buiten de gewone lesuren van de leerkrachten zo veel als mogelijk evenredig verloopt met de totale opdracht van de betrokken leerkrachten.

 

3° Een andere officiële opdracht van een leerkracht is, indien gelijktijdig, een geldige reden om ontslagen te worden van (gedeeltelijke) medewerking aan de eerder genoemde buitenschoolse activiteiten.

 

Artikel 20

Elke leerkracht is verantwoordelijk voor het hem/haar toevertrouwde materiaal en voor de toestand van het gebruikte  lokaal.

 

Artikel 21

Elke leerkracht kan gratis boeken, C.D.-roms e.d. lenen uit de IKO-bibliotheek.

De concrete modaliteiten zijn opgenomen in het huisreglement.

 

HOOFDSTUK IV: OPVOEDEND HULPPERSONEEL EN ADMINISTRATIEF PERSONEEL.

 

Artikel 22

Het  opvoedend en administratief personeel dient zijn medewerking te verlenen aan tentoonstellingen en andere manifestaties die door het IKO worden ingericht.

 

Artikel 23

Het opvoedend en administratief personeel wordt gelast met taken door de directeur bepaald.

 

Artikel 24

Het opvoedend en administratief personeel richt zich tot de gemeentelijke overheden en administratie langs de directeur die, zo nodig, zijn/haar advies toevoegt aan de vraag of het voorstel van het betrokken personeelslid.

 

Artikel 25

Het opvoedend en administratief personeel moet het aanwezigheidsregister ondertekenen bij het begin en het einde van hun prestaties.

 

 

HOOFDSTUK V: DE LEERLINGEN

 

Artikel 26

De leerlingen worden ingeschreven overeenkomstig de reglementaire toelatingsvoorwaarden.

 

Artikel 27

1° De leerlingen zijn verplicht de lessen regelmatig te volgen. Afwezigheden dienen gemeld te worden aan de leerkracht of aan het secretariaat, indien mogelijk vooraf.

 

2° Dertig procent ongewettigde afwezigheid binnen het lessenrooster van de leerling houdt in dat de hij/zij als ‘onregelmatig leerling’ wordt beschouwd. Onregelmatige leerlingen kunnen niet deelnemen aan de examens en bijgevolg niet overgaan naar een volgend jaar. Zij kunnen ook geen getuigschrift of attest behalen.

 

Artikel 28

Schade die door een leerling vrijwillig wordt toegebracht aan lokalen, meubilair of materiaal wordt op zijn kosten hersteld.

 

Artikel 29

De directeur kan aan door hem/haar geselecteerde leerlingen vragen om medewerking te verlenen aan tentoonstellingen of andere manifestaties die door het IKO worden ingericht.

 

Artikel 30

1° De leerlingen verbinden er zich toe – indien zij daarom worden gevraagd door de leerkracht of de directeur – om werken die op het IKO werden gemaakt in de loop van het schooljaar, vrij ter beschikking  te stellen van de academie. Deze werken kunnen enkel worden gebruikt voor didactisch-pedagogische doeleinden of activiteiten die de academie naar buiten uit moeten vertegenwoordigen (tentoonstellingen, opendeurdagen, drukwerk…). De leerkracht en/of de directeur kiest bedoelde werken uit naar eigen goeddunken en op grond van artistiek-pedagogische kwaliteiten. Hij/zij kan derhalve dus nooit verplicht worden om hiervoor werken te selecteren die door de betrokken leerling of derden worden opgedrongen.

 

2° Het IKO van haar kant verbindt er zich toe om, bij iedere activiteit waarbij op de één of andere manier gebruik wordt gemaakt van werken, de naam van de leerling te vermelden en het recht op eerbied voor deze werken te garanderen.

 

3° In overleg met de leerling en de leerkracht kan de directeur, om de hierboven beschreven redenen, per schooljaar één werk per leerling opvragen voor een langere periode. Dit werk blijft evenwel eigendom van de betrokken leerling, tenzij deze laatste vrijwillig afstand doet van bedoeld werk. In dit laatste geval zal het IKO de materiële kosten van het werk vergoeden.

 

 

 

 

 

 

HOOFDSTUK VI: ORDE EN TUCHT

 

Artikel 31.1

De leerlingen dienen zich tuchtvol te gedragen.

Alvorens door de directeur een tuchtmaatregel wordt genomen, hoort hij/zij de leerling en de betrokken leerkracht.

 

De volgende sancties kunnen op de leerlingen worden toegepast:

Sanctie 1: Een vermaning van de directeur, eventueel op voorstel van een leerkracht.

Sanctie 2: Een tijdelijke uitsluiting door de directeur, eventueel op voorstel van een leerkracht.

Sanctie 3: Een definitieve uitsluiting door het college van burgemeester en schepenen, op voorstel van de directeur.

 

Artikel 31.2

Een beslissing m.b.t. de sanctie 2 of 3 is met redenen omkleed. Ten laatste de dag volgend op het nemen van een beslissing m.b.t. sanctie 2 of 3, wordt deze bij aangetekend schrijven aan de leerling of zijn wettige vertegenwoordiger(s) ter kennis gebracht. Indien de eerstvolgende dag een zater-, zon- of feestdag is, wordt de beslissing de eerste daarop volgende werkdag verzonden.

 

Artikel 31.3

Sanctie 2: Tijdelijke uitsluiting

In het belang van het onderwijs, de leerkracht of van de medeleerlingen kan de directeur, na advies van de betrokken leerkracht en de collega-leerkrachten uit dezelfde graad, een leerling preventief schorsen van het volgen der lessen voor een maximale periode van 4 atelierdagen. De directeur deelt dit schriftelijk mee aan het college van burgemeester en schepenen.

Indien een feit echter het voorwerp uitmaakt van een strafrechterlijke vervolging, kan de preventieve schorsing aanhouden tot een vonnisgerecht in laatste aanleg uitspraak heeft gedaan.

 

Artikel 31.4

Sanctie 3: Definitieve uitsluiting

Tegen de ordemaatregel sanctie 3 kan de leerling of zijn wettige vertegenwoordiger(s) binnen 7 kalenderdagen na ontvangst van het aangetekend schrijven, beroep instellen bij de inrichtende macht, het Stadsbestuur van Hoogstraten. In voorkomend geval neemt het College van Burgemeester en Schepenen, binnen 10 dagen na ontvangst van het beroep, een beslissing. In die tussentijd worden de leerling of zijn vertegenwoordiger(s) en de directeur gehoord. De beslissing is met redenen omkleed en wordt bij aangetekend schrijven verzonden aan de leerling of zijn vertegenwoordiger(s) binnen de termijn bepaald in artikel 31.2.

Een afschrift van deze beslissing wordt, eveneens binnen deze termijn, overhandigd aan de directeur.

 

Artikel 32

Indien de leerling een beslissing van de inrichtende macht wenst aan te vechten  voor de burgerlijke rechtbank blijft de beslissing van de inrichtende macht van kracht tot aan de uitspraak ten gronde.

 

 

HOOFDSTUK VII:  INITIATIEVEN VAN LEERLINGEN EN ONDERWIJZEND PERSONEEL

 

Artikel 33

Alle teksten die leerlingen of leden van het onderwijzend personeel in de academie wensen te verspreiden moeten vooraf ter goedkeuring worden voorgelegd aan de directeur. Slechts na zijn/haar akkoord kan bedoelde tekst in de academie verspreid worden.

 

Een geldomhaling in de academie door leerlingen of leden van het onderwijzend en administratief personeel kan slechts gebeuren met schriftelijke goedkeuring van de directeur.

 

Artikel 34

Leerlingen en leden van het onderwijzend personeel die deelnemen aan kunstmanifestaties buiten de academie en daarbij de naam van het IKO willen gebruiken, moeten daarvoor schriftelijke goedkeuring bekomen van de directeur.

 

 

HOOFDSTUK VIII: DE BEKWAAMHEIDSPROEVEN

 

Artikel 35

De proeven worden georganiseerd overeenkomstig de geldende wets- en reglementaire bepalingen.

 

Artikel 36

Elke leerling bekomt op het einde van het schooljaar een overgangsattest of een getuigschrift op basis van de behaalde resultaten.

 

Artikel 37

De leden van de examencommissies worden in overleg met de betrokken leerkracht(en) door de directeur aangesteld en uitgenodigd (zie huisreglement IKO: proeven).

HOOFDSTUK IX: SLOTBEPALING

 

Artikel 38

Een exemplaar van dit reglement wordt door de directeur aan alle in dienst zijnde personeelsleden bezorgd. Elk personeelslid tekent voor ontvangst op een lijst die bij het exemplaar gevoegd wordt dat in het archief van de academie wordt bewaard.

 

Bij elke nieuwe inschrijving ontvangt de betrokken leerling een exemplaar van dit reglement. Hij/zij tekent voor ontvangst op de inschrijvingsfiche.

Een inschrijving houdt automatisch in dat de ingeschrevene of zijn/haar wettelijke vertegenwoordiger(s) zich akkoord verklaart met dit reglement.